donderdag 11 juli 2013

Warm Soda : 'Someone for you' (2013)


Van bij de allereerste noten van opener 'Violent blue' merk je dat het debuut van Warm Soda er één van een enorme vitaliteit is met een weergaloze meezingbaarheidgraad. Bedrieglijk simplistisch voorzien de Oaklanders hun uiterst melodieuze niemendalpunk van een vleugje garage en, vooral op gitaar, een flinke dosis pure rock-'n'-roll en glam. Bijgevolg vinden we op 'Someone for you' een dozijn erg energieke alternatieve popnummers terug. De band komt krachtig, gevarieerd en dynamisch voor de dag.

Hun grootste beperking vindt het viertal in de vocalen van spilfiguur Matthew Melton die het eigenlijk volledig van het melancholische karakter van zijn timbre moet hebben. Terwijl hij een paar keer amechtig naar adem lijkt te happen, ziet hij zich voor de rest genoodzaakt zijn stem in allerlei bochten te wringen om toch nog enigszins in de buurt van de gewenste toonhoogte te blijven. En toch bewijzen de backings op bijvoorbeeld 'Strange as it seems', dat in Melton wellicht nog de beste zanger van het zootje ongeregeld schuilt. De songs worden er echter niet minder catchy door, en samen met een aantal productionele keuzes bezorgt dit het geheel de beoogde lo-fi toets die alles zowat afwerkt.

Heel memorabel of vernieuwend durven we het resultaat niet noemen, maar dit album ligt wel extreem prettig in het oor. 'Someone for you' dendert voort als een trein,en klokt netjes af binnen het half uur, juist voor de verveling kans krijgt om toe te slaan.

zaterdag 15 juni 2013

Alstein: 'Het uitzicht op de wereld' (1984)


(Marc van) Alstein (°1947) stamt uit een eeuwenoud geslacht met adellijke aspiraties dat traceerbaar is tot de jaren 800. Twee mannelijke telgen uit de rijke geschiedenis van deze familie, die op uiteenlopende wijze de nodige informatie overleverden, leden volgens deze dichter, prozaïst en criticus een interessant genoeg leven om er een roman aan te wijden.

Voor het eerste deel van 'Het uitzicht op de wereld' waarin we kennis maken met zijn grootvader, kan de schrijver terugvallen op de meest directe communicatievorm namelijk face-to-face gesprekken die hij als jongeling onderhield met de genaamde Gustave. In zijn late tienerjaren vuurde deze Antwerpenaar een pistool af op de minnares van zijn vader, alvorens halsoverkop de oceaan over te steken om met succes zijn geluk te beproeven in Amerika. WOI noopt hem echter met dringende spoed huiswaarts, waar hij, eens de oorlog afgelopen, rustig fortuin vergaart als commercant. De hoofdmoot van het boek bestaat evenwel uit een reconstructie van het leven van Pierre-Ignace van Alstein, een 18de-eeuwse scheepskapitein, slavenhandelaar en kaper in Franse dienst. Hiervoor doet de auteur een beroep op door de zeeman neergepende scheepsjournaals en uitgavenboekjes gecombineerd met geschiedkundige geschriften en overgeleverde officiële documenten.

Allemaal voer voor een avonturenroman zou je denken, maar niets is minder waar. 'Het uitzicht op de wereld' houdt immers eerder het midden tussen een dubbele biografie en een maatschappelijk essay. In een verzorgd, feitelijk en, gezien het opzet wel passend, ietwat stijf taalgebruik besteedt Alstein minstens evenveel aandacht aan de historische en socio-economische context als aan de lotgevallen van de individuele protagonisten. Zijn toon in verband met de heikele kwestie die de slavenhandel toch is zie je redelijk snel evolueren van mild ironisch naar volledig begripvol voor de zakelijke kant van de affaire. Zo tracht de schrijver met veel sympathie en een zekere dosis trots als het ware letterlijk een uitzicht op de wereld mee te geven, meer bepaald vanuit het perspectief van de rijke bourgeoisie door de eeuwen heen. Uiteindelijk levert de hedendaagse van Alstein een best wel onderhoudend en sowieso historisch interessant werkstuk af, waarbij hij als in zekere zin betrokkene misschien iets te graag kant kiest en net dat tikkeltje teveel empathie vraagt van de lezer.



donderdag 6 juni 2013

Trapper Schoepp & The Shades: 'Lived and moved' (2009)


Over de Atlantische Oceaan lijkt de trein ondertussen goed en wel vertrokken voor Trapper Schoepp & The Shades. Niet alleen leverden ze met 'Run, engine, run' een absoluut meesterwerk in het alt-country genre af, dat hen vorig jaar prompt een platendeal bij het gerenomeerde SideOneDummy Records opbracht, één en ander bracht de jongelingen ook in het vizier van Jakob Dylan. Deze zoon-van prijst de band sindsdien ten volle aan waar hij maar kan, en laat geen gelegenheid onbenut om zijn poulains mee op tour te nemen met The Wallflowers. En gelijk heeft hij. Twijfelaars raden we aan eens op zoek te gaan naar de videoclip voor het hitgevoelige 'Tracks'.

Helemaal uit de lucht gevallen komt deze eerste aanzet tot doorbraak trouwens niet. Via het internet wisten we immers beslag te leggen op het vier jaar geleden in eigen beheer uitgebrachte 'Lived and moved', om te constateren dat dit album op vele vlakken reeds het geweldige potentieel van Trapper Schoepp & The Shades herbergt. Naast de beperktere productie vallen uiteraard nog een aantal andere werkpunten op. Terwijl de kwaliteit van de nummers nog wat aan schommelingen onderhevig is, springt meteen in het oog dat het viertal tevens nog wat zoekende lijkt naar een definitief op Trappers maat gesneden muziekstijl.

Grofweg gezegd treffen we op deze voorloper een collectie op rock-'roll-gestoelde indierocksongs aan waar het hartverscheurende country-element nog niet volledig in ingepast is. Verschillende oorzaken liggen hieraan ten grondslag. Waar we hier en daar wel al een voorzichtige lapsteelpantomime aantreffen, ontbeert 'Lived and moved' om te beginnen het virtuoos melancholische vioolspel van Gina Romantini. Verder werden de gevarieerde, krachtige en een tikkeltje robuuste gitaarpartijen van oorspronkelijk groepslid David Boigenzahn op 'Run, engine, run' grotendeels verdrongen door het iets gestileerdere maar even to-the-pointe werk van Graham Hunt. En ook nieuw aangeworven drummer Jon Phillip biedt met zijn frisse, strakke frivoliteit een niet te onderschatten meerwaarde.

Wel constant, en reeds op enorm hoog niveau acterend is Trapper Schoepp zelf. Zijn tot de verbeelding sprekende vocale timbre gecombineerd met een quasi uniek gevoel voor melodie en frasering wordt ondersteund door een gigantisch beschrijvend en poëtisch vermogen dat op 'Lived and moved' al volledig ontwikkeld lijkt. Nummers als 'Beautifully balanced' en afsluiters 'My own world' en 'Breeze' die helemaal door merg en been snijden, blikken reeds vooruit op de grootsheid waartoe de frontman samen met zijn geüpgrade Shades in staat zal blijken. Beats naar onze mening Jake Bugg – die we vast en zeker ook erg hoog in het vaandel dragen – by a million, om het nu wat overdreven te stellen. Sittin' good!, alleszins.



http://www.trapperschoepp.com/

woensdag 15 mei 2013

Marcellus Emants : 'Een nagelaten bekentenis' (1894)


Als tot op het bot beklijvende psychologische roman vormt 'Een nagelaten bekentenis' een verpletterend meesterwerk van een kolossale somberheid dat gestaag maar gedecideerd je gemoed omhult met een gitzwarte nevel. Het opzet lijkt klassiek : Marcellus Emant (1848-1923) laat met Willem Termeer een getroebleerd man aan het woord die recent zijn vrouw vermoordde en deze drukkende last van zich af wil schrijven met een gedetailleerd relaas van de feiten en gebeurtenissen die tot de noodlottige ontknoping leidden. Hiertoe gaat de ik-figuur over tot een minutieuze analyse van zijn eigen persoonlijkheid en de wereld rondom hem.

Gebruik makend van een donkere, beeldrijke taal in een voor die tijd progressieve spelling, voert de auteur met zijn hoofdpersonage een overtuigd positivist en fervent aanhanger van de erfelijkheidsleer op die zichzelf volledig ziet als speelbal van de omstandigheden en gedegenereerde van geboorte. Het schuldvraagstuk gaat volledig aan hem voorbij. Het hoe en waarom daarvan – net omdat we alles door Termeers ogen zien – ontwikkelt zich hoe langer hoe meer tot het centrale thema van de roman. Zo valt op hoe licht Termeer heen gaat over de sowieso al weinige tegenkanting die hij doorheen het boek krijgt tegen zijn gedachtengang, namelijk nagenoeg alleen deze van zijn buurman, de ex-dominee De Kantere die een schuchtere poging onderneemt hem te overtuigen van het geloof in de vrije wil. Helemaal pessimistisch wordt de toon als Termeer en passant opmerkt dat misschien alle mensen wel acteren en enkel hun ware, aan hem gelijkende aard beter weten te verbergen, waarmee Emants de mogelijkheid openlaat dat ieder monter ogend aangezicht een trieste broeihaard van ellendige hersenspinsels verbergt.

Ondanks zijn aanzienlijke oeuvre is het toch vooral met 'Een nagelaten bekentenis' dat Marcellus Emants zich als een soort Zola van de Lage Landen een prominente plaats opeist tussen de allergrootsten uit de Nederlandstalige literatuurgeschiedenis. Naturalisme van de bovenste, meest meedogenloze plank.

vrijdag 19 april 2013

Anne de Vries : De man in de jachthut (1960)


Terwijl Anne de Vries (1904-1964) zijn (jawel, laat je niet misleiden door de voornaam) faam vooral te danken heeft aan een resem felgesmaakte streek- en jeugdromans (Bartje uit Drenthe, iemand?), waagde hij zich met 'De man in de jachthut' op latere leeftijd aan een soort psychologisch werkstuk. Een al te diepe indruk laat deze ik-vertelling over een gevierd schrijver die het overlijden van zijn vrouw tracht te verwerken door verwoed op wild te jagen, evenwel niet na.


Om te beginnen valt het niet makkelijk te sympathiseren met het hoofdpersonage. Via de beproefde J.D. Salinger-methode tracht de Vries aan de hand van kleine als speciaal en uniek voorgestelde bespiegelingen en idiosyncrasieën een onuitgesproken elitair groepsgevoel met de lezer tot stand te brengen. Door een klaarblijkelijk gebrek aan verbeeldingskracht en inlevingsvermogen, vervalt de auteur echter in een steriele aaneenrijging van cliché's, waardoor, ironisch genoeg, eerder een lomp arrogante afstand met het publiek wordt gecreëerd. Verder valt het niet mee veel voeling te houden met een karakter dat, los van alle mooipraterij en vergoelijking, in koelen bloede een 25-tal eenden gaat afknallen om zijn zinnen wat te verzetten, arbeiders en boeren met een verontrustende vanzelfsprekendheid behandelt als ondergeschikten, en er tenslotte niet voor terugdeinst om op basis van een hem bekende moegetergde vrouw met een beginnend alcoholprobleem in één adem alle vrouwen die al eens aan de boemel gaan als weerzingwekkend te bestempelen.

Waar Salinger wel moeiteloos het overgrote deel lezers van 'The Catcher in the Rye' omtoverde tot devote adepten, - hoewel William S. Burroughs aangaande Holden Caulfield reeds fijntjes observeerde dat deze zowat de grootste klootzak uit de literatuurgeschiedenis moet zijn - haalt de Vries op geen enkel vlak dit niveau. Zijn psychologisch inzicht is ronduit oppervlakkig te noemen, en ook stilistisch ontbreekt het deze schrijver toch wat aan eruditie. Het heeft er alle schijn van dat hij erop rekende dat een vlot lezende jeugdroman tot ware literatuur kan verheven worden door hem wat te pimpen met een heleboel extra adjectieven en een uitgebreid arsenaal flauw overkomende metaforen. Niet dus, al lijkt de Vries zich daar allerminst van bewust.

Wat overblijft is een onderhoudende vertelling die best wel een eind weg leest, maar absoluut niet kan wedijveren met het betere werk uit de Nederlandstalige literatuur.

dinsdag 9 april 2013

Emiel Van Hemeldonck : 'Maria, mijn kind' (1944)


Met 'Maria, mijn kind' stuitten we op een bescheiden maar daarom niet minder indrukwekkend schitterende parel uit het aanzienlijke arsenaal oervlaamse regioromans. Naar goede gewoonte is ook dit er geen die je onbezonnen vrolijk achterlaat. Vanuit het gezichtspunt van de oudste dochter verhaalt Emiel Van Hemeldonck (1897-1981) de van tragiek doorweven, aangrijpende lotsgeschiedenis van de familie Dielen die in de streek van Vosselaar met man en macht spartelt om het hoofd boven water te houden.



Een dramatische, koortsdromerige openingsepisode schetst een hartverscheurende situatie waarin de 16-jarige Maria haar moeder op het sterfbed plechtig belooft voor het gezin te zorgen. Hiermee gaat ze tevens het als laatste wens geformuleerde engagement aan haar vader ten allen prijze te behoeden voor een terugkeer naar het ware boerenbestaan. Zo wordt ook meteen de thematiek onverbloemd op tafel gegooid. In een veranderende wereld bieden de kleiputten en steenbakkerijen voor het eerst een volwaardig alternatief voor de doorgaans kleinschalig bedreven landbouw op de arbeidsintensieve en weinig vruchtbare heidegrond. Hoewel in de gegeven omstandigheden een al dan niet mislukte oogst haast letterlijk kan beslissen over leven en dood, blijkt het voor de meeste heidebewoners een onmogelijke opgave te weerstaan aan de lokroep van de grond. Gedreven door hun onder een stug uiterlijk verborgen, in hun diepste aard gewortelde emoties nemen ze koppig een gefantaseerd romantisch ideaalbeeld van zulks bestaan voor absolute waarheid. Dit staat echter in schril contrast tot de grauwe realiteit die de meesten te beurt valt. Zich terdege bewust van de kracht van het bloed dat door haar mans aderen stroomt, beseft de moeder maar al te goed de immense last waar ze haar dochter mee opzadelt als ze deze vraagt de stem van de rede aan het gezin op te dringen. Het tekent tegelijkertijd de machteloze wanhoop waaraan ze ten prooi viel.

Gedragen door een meeslepend stilistisch impressionisme getuigt deze Kempense heimatvertelling van Van Hemeldoncks verregaande, psychologische inlevingsvermogen en een waarachtig aanvoelen van de menselijke volksaard. Naar analogie met zijn stuurse, zwijgzame personages hanteert de auteur een suggestieve verteltrant die zelfs erg cruciale passages in grote mate aan de verbeelding overlaat. Dit resulteert in een constant onderhuids broeiende emotionaliteit die bij tijd en wijlen ontaard in de meest drastische erupties van ongecontroleerde energie, meestal met verstrekkende gevolgen.

Voor een feelgood-dorpsroman ben je bij Emiel Van Hemeldonck aan het verkeerde adres. In 'Maria, mijn kind' word je geconfronteerd met een op de rand van het deprimerende balancerende clash tussen idealistische romantiek en grimmig realisme die je niet licht onberoerd zal laten.

woensdag 22 augustus 2012

Marie Koenen : 'De Moeder' (1917)

Hoewel Marie Koenen (1879-1959), dochter van de woordenboekengigant, afkomstig is van Nederlands Limburg, lijkt haar derde roman 'De Moeder' helemaal uit de spreekwoordelijke Vlaamse klei opgetrokken, in zoverre zelfs dat die qua toon sterk aan de heimatvertellingen van Ernest Claes herinnert. Het verhaal vangt aan met een uitgebreide romantische beschrijving van het dorpse leven vanuit het oogpunt van het titelpersonage. Hoewel de auteur, zoals voor haar kenmerkend is, de gevolgen van de industriële revolutie in het landschap straal negeert, is de gemeenschap toch niet volledig onbezoedeld. Als een babylonische schandvlek, vormt het hotel met aanpalende winkel van de steedse familie Curvers haar immers een fikse doorn in het oog.

Desondanks spreekt uit 'De Moeder' een geestelijk veel minder starre gesteldheid dan je op het eerste zicht zou verwachten, en weet het boek zelfs symbolisch een verzoening tot stand te brengen tussen de op zich vijandige literaire strekkingen van het naturalisme en de neoromantiek. De archetypische moeder is een godsvruchtige, hardwerkende, tegen de bittere armoede strijdende weduwe, die ternauwernood de eindjes aan elkaar weet te knopen. Ze idealiseert het eenvoudige ongerepte dorpsleven en spiegelt zich daarin een idyllische toekomst voor haar kinderen voor. Deze probeert ze af te dwingen via het gebed. Terwijl haar dochter Tila eigenwijs huwt met Louis uit de vervloekte familie Curvers, stelt ze al haar hoop op een huwelijk tussen haar zoon Jules met het dorpsmeisje Treeske Bormans. In stilte lijdend schikt deze zich hier aanvankelijk in, en gaat hij aan de slag als plaatselijke onderwijzer. Stilaan groeit echter het besef dat hij erfelijk gedetermineerd is om hieraan volledig ten onder te gaan. Alle protagonisten blijken echter bereid water bij de wijn te doen, en uiteindelijk wordt een nieuwe harmonie gezocht en bereikt.

Uit 'De Moeder' spreekt een universeel diepmenselijke emotie die iedere moeder voor haar kroost voelt. Marie Koenen leverde een ontroerende roman af die zich afspeelt in een voorbije wereld waar de problemen weliswaar van een andere orde maar daarom niet minder groot waren.